De buitenzijde van de voet wordt verlengd

Langer maken van het hielbeen

Deze operatie is vooral geschikt voor een soepele, volgroeide platvoet waarvan de gewrichten geen slijtage hebben.

De buitenzijde van de voet wordt langer gemaakt door het hielbeen aan de buitenkant langer te maken. Door deze verandering kan de stand van de voet dusdanig verbeteren dat de voet er weer volledig normaal uit kan komen te zien. Vaak wordt het verlengen van de buitenkant van de voet gecombineerd met andere operatietechnieken, bijvoorbeeld het verlengen van de kuitspier.

De buitenzijde van de voet wordt verlengd door de buitenkant van het hielbeen langer te maken met een extra stukje bot. Het stukje bot wordt elders uit het lichaam verwijderd (meestal uit de bekkenkam) en in de buitenkant van het hielbeen geplaatst (zie tekening). Dit stukje bot is meestal 6 á 12 mm breed, en wordt in het hielbeen vastgezet met een schroef of een plaat. Er zijn twee manieren om deze operatie te doen:

  • Het stukje bot wordt tussen het hielbeen geplaatst: het hielbeen wordt doorgezaagd, de zaagsnede wordt geopend en het stukje bot wordt er tussen geplaatst. Alle gewrichten blijven dan normaal functioneren.
  • Het stukje bot wordt vóór het hielbeen geplaatst, in het gewricht: het gewricht tussen het hielbeen en het daarvóór liggend dobbelsteenvormig been (ook wel cuboïd) wordt schoongemaakt en het stukje bot wordt in het gewricht geplaatst. In dit geval wordt dit gewricht stijf, en kan de voet iets minder goed kantelen na de operatie.

Het hielbeen wordt doorgezaagd en er wordt een extra stuk bot tussen geplaatst. Hierdoor wordt de buitenkant van de voet langer, de voet komt hiermee weer in de goede stand.