Complicaties na een operatieve behandeling

De meest voorkomende complicaties

Helaas kunnen bij elke operatie complicaties voorkomen, hoezeer de specialist dit ook probeert te vermijden. Hieronder volgt een lijstje van de meest voorkomende complicaties, zoals die in de literatuur worden beschreven.

  • Wondgenezingsproblemen*: (vooral na forse standscorrecties) met name aan de buitenkant van de voet bij de hiel wil de wond soms niet direct genezen. Dit kan soms enkele weken in beslag nemen.
  • Wondinfectie*.
  • Trombose.* Bij trombose ontstaat er een bloedpropje in het bloed. Deze kan in een kleiner bloedvat vast komen te zitten en het bloedvat afsluiten. Het bloed kan niet meer goed stromen en het lichaamsdeel (bijvoorbeeld het been) wordt dik op pijnlijk. Trombose kan ernstige gevolgen hebben wanneer het bloedpropje in de longen, het hart of de hersenen vast komt te zitten. Een deel van deze organen krijgt dan geen zuurstof en kan ernstig beschadigen.
  • Vertraagde botgenezing*.
  • De botten groeien niet aan elkaar (pseudartrose)* (<5%). Hier is een nieuwe operatie voor nodig.
  • Doof gevoel rondom de littekens door een beschadigd huidzenuwtakje (meestal buitenkant van de voet.
  • Zenuwpijn door een beschadigd huidzenuwtakje: aan de buitenkant van de enkel loopt een zenuwtakje, de n suralis. Deze kan tijdens de operatie beschadigd worden (zenuwen zijn erg gevoelig voor uitrekking, bijvoorbeeld bij het openhouden van de wond), of vastgroeien in het littekenweefsel tijdens de genezing van de wond.
  • Complex Regionaal Pijn Syndroom (CRPS), in de volksmond ook wel dystrofie genoemd.
  • Pijnlijke schroeven of verkeerde positie van de schroeven: vooral de schroeven in het hielbeen kunnen klachten veroorzaken. Bij ongeveer 10-20% van de patiënten moet hierdoor de schroeven weer worden verwijderd.
  • Onder- of overcorrectie van de stand van de enkel/voet

* Betekent dat deze kans veel vaker voorkomt bij patiënten die roken